Project Description

God zei tegen Abraham: “Neem uw zoon, uw enige zoon, Isaak, van wie u houdt, en ga naar de regio van Moria, offer hem daar als een brandoffer op een van de bergen waar ik u over zal vertellen.” Abraham nam Isaak, twee dienaren en een ezel en vertrok voor een reis van 80 kilometer. Bij aankomst beval Abraham de bedienden om met de ezel te wachten terwijl hij en Isaak de berg opgingen. Hij zei tegen de mannen: “We zullen bidden en dan zullen we terugkeren.” Isaak vroeg zijn vader waar het lam voor het offer was waarop Abraham antwoordde dat de Heer het lam zou leveren. Verdrietig en verward bond Abraham Isaak vast met touwen en plaatste hem op het stenen altaar. Net toen Abraham het mes ophief om zijn zoon te doden, riep de engel van God: “strek uw hand niet uit aan de jongen, en doe hem niets! Want nu weet ik dat gij God vrezende zijt, en uw zoon, uw enige, mij niet hebt onthouden.” Toen Abraham opkeek, zag hij een ram, die met zijn horens vastzat in het struikgewas. Hij offerde dus dit dier, hem gegeven door God,  in plaats van zijn zoon.


Copyrights getoonde afbeeldingen